Nieuws

Witte Paard 1 sluit af met afgetekende zege

Op de slotdag van de KNSB-competitie, met op het programma de dubbele confrontatie met de 'reserves' van De Waagtoren, leek bij ons het collectieve verantwoordelijkheidsgevoel aanwezig om er in de laatste wedstrijd in de vertrouwde samenstelling met z'n allen nog iets moois van te maken. Voor mij persoonlijk ook een middag met een bijzonder tintje aangezien ik er inmiddels al weer 25 seizoenen als 'playing captain' op had zitten. Waarvan ik achteraf beschouwd natuurlijk altijd me ervan bewust was dat het nooit meer zo mooi zou worden als in dat eerste seizoen 97-98 met de spannende apotheose in de mega-gezamenlijke slotronde in Nijmegen, alwaar voor de laatste keer promotie naar de 1e klasse werd bewerkstelligd. In de latere jaren sloeg de balans natuurlijk vaker richting degradatie door, maar het plezier is er nooit minder om geweest, en dat geldt waarschijnlijk ook voor de meeste spelers. 

Voorafgaand aan beide wedstrijden werd er uiteraard eerst nog stilgestaan bij het overlijden van ZSC-icoon Eric Bark, die ooit ook nog een extern seizoen bij Het Witte Paard actief was. Alhoewel dat onvermijdelijke er al een tijdlang aan zat te komen voelde het toch onwerkelijk aan om te moeten beseffen dat iemand die tot voor kort zo goed en zo kwaad als het kon nog zijn wedstrijden meedraaide ons nu definitief ontvallen is.

Dan de wedstrijd zelf, waarin zich aan de hoge borden al snel een grote overwinning aftekende. Kees kreeg tegen zijn BenOni met een ongebruikelijke lange rokade te maken, Christiaan werd in een Hollandse partij geen strobreed in de weg gelegd om zijn pionnen kamerbreed op te laten marcheren en mijn tegenstander besloot uit vrees voor een aanval op de korte rokadestelling zijn koning op f8 te posteren, hetgeen de communicatie tussen de zwarte stukken niet ten goede kwam. Bij Bryan was aanvankelijk het enige probleem of hij nog voor de klok van tweeën zou arriveren, nadat hij gedwongen was om vanuit Amsterdam-Noord een alternatieve route te zoeken. Maar eenmaal achter zijn bord kreeg hij met de altijd onschuldig ogende Franse Ruilvariant al snel een prettig initiatief.

En eigenlijk ging het aan de lage borden ook redelijk crescendo. Jaap had een witte actie op de koningsvleugel op kunnen vangen met een blokkade en sterk geposteerd paard, Robin had het bekende Trompovsky eindspelvoordeeltje versus dubbelpion en Jan Brink had zonder dat hij het zich realizeerde een gunstige versie van de Ruilvariant tegen zijn eigen Caro-Kann op het bord. En dan Roland, zou hij zijn vierde opeenvolgende zege boeken? Met zwart heeft hij zijn repertoire ook uitgebouwd: waar voorheen 1.e4 altijd klassiek werd aangepakt kwam er nu een heuse Pils-variant op het bord, een variatie op de Kalasjnikov. 

Ik probeerde als 'vervanger' van Paul (jammer dat hij uitgerekend op deze dag wederom verstek moest laten gaan want samen met Jan Brink behoorde hij vrijwel die gehele periode van 25 jaar tot het keurkorps) natuurlijk het eerste punt op het bord te brengen maar de score werd geopend door Jan, die genoegen moest nemen met remise toen hij net even te veel stukken liet ruilen. Al even spoedig gevolgd door het in de ring gooien van de handdoek door Bryan's tegenstander, die de voornamelijk door hemzelf aangerichte schade niet meer kon aanzien. Mijn tegenstander koos onder tijdsdruk na aanvankelijk taai verdedigen ook voor de weg van de minste weerstand en toen Kees behalve zijn gefianchetteerde loper ook nog zijn andere loper op de witte koningsstelling kon richten stonden we ineens met 3½-½ voor. 

Nog voor de eerste tijdcontrole werd dit uitgebouwd tot 5-1 via een zetherhaling bij Jaap en een wederom mooi bekroonde koningsaanval van Christiaan. Roland had zich de boodschap die in Siciliaanse stellingstypen altijd wordt meegegeven ("if you can realize the breakthrough d6-d5, the sun will shine") goed ingeprent en had in het resterende eindspel een stuk buitgemaakt wat al snel voldoende bleek voor het volgende punt.

Helaas bleek toen enigszins verrassend de koek voor ons op, want Robin was in een loper vs. paardeindspel een pion kwijtgeraakt. Met pionnen op beide vleugels leek hij nog compensatie te houden maar qua strucuur bleef het zodanig gesloten dat het paard uiteindelijk toch te dominant werd, 6-2. 

En zo werd dus in ieder geval de tweede plek veiliggesteld en kunnen we ook ten opzichte van de andere nummers 2 de beste cijfers overleggen. Wie weet waar dit nog goed voor kan zijn?! Waarschijnlijk niet veel, want bij nader inzien blijken er een aantal 4e klassen met 9 of zelfs 8 teams te zijn waarin de nummer 2 minder verliespunten heeft.